De beschouwing van GroenLinks naar aanleiding van het rapport "De grond wordt duur betaald" tijdens raad van 02-02-2012
Raad komt donderdag 09-02-2012 om 19.00 uur nogmaals bijeen voor het debat en de bespreking van de politieke consequenties.
Tekst uitgesproken door Michael Boddeke
Voorzitter,
Ik sta hier als fractievoorzitter van GroenLinks. Maar iedereen weet dat ik ook wethouder was in het vorige college en gisteren is er bij de politie zelfs een aangifte tegen mij ingediend. Ondanks dat of juist daarom voer ik namens GroenLinks vanavond het woord.
Ook in Apeldoorn leken de bomen tot in de hemel te groeien. Inmiddels weten we beter en zitten we met een gigantisch tekort opgescheept. Door de enquêtecommissie is uitstekend in kaart gebracht hoe de Apeldoornse ambities konden uitgroeien tot een bubble, die uiteindelijk uiteenspatte of beter geformuleerd doorgeprikt werd.
Terecht stelt de enquêtecommissie dat de tijdgeest hierbij ook een rol speelde. Het grootschalig verwerven van gronden om ambities waar te kunnen maken. Welke gemeente deed dat niet? Door de economische crisis hadden we sowieso verlies moeten nemen, maar, zo laat het rapport ons zien, het verlies had beperkt kunnen blijven.
Zoals bekend is dat niet gebeurd en dat kunnen we ons allemaal aanrekenen. College, gemeenteraad, Provincie, de accountant, niemand gaat vrijuit. Ja, ook GroenLinks had kritischer moeten zijn. We waren blij dat het RBAZ steeds onwaarschijnlijker werd maar hadden te weinig oog voor de financiële consequenties. Ja, ook wij werden gedreven door politieke ambities.
In het rapport staat dat de geschiedenis zich herhaalt en inderdaad eind jaren zeventig is het Apeldoornse grondbedrijf ook al een keer failliet gegaan. In die zin hadden we beter moeten weten.
Maar de geschiedenis herhaalt zich op meer terreinen. Eind 2006 kwam naar aanleiding van de Reesink-affaire het rapport “Stampij op de Ecofactorij” uit. Twee oorzaken werden genoemd: Tunnelvisie en het gebrek aan tegenspraak. De belangrijkste opdracht voor het in 2006 nieuw gevormde college was dan ook het veranderen van de bestuurscultuur op het stadhuis. En u weet ongetwijfeld dat ik voor deze cultuurverandering de verantwoordelijke wethouder was. Ontnuchterend om nu te lezen dat tunnelvisie en het negeren van tegenspraak nog steeds aanwezig is.
In de politiek gaat het om vertrouwen en dat kan niet genoeg benadrukt worden. Vertrouwen tussen raad en college, tussen college en ambtelijke organisatie en tussen bestuurders onderling.
Als college ben je als college integraal verantwoordelijk. En juist vanwege die gezamenlijke verantwoordelijkheid is het zo ontzettend belangrijk dat je dilemma’s met elkaar deelt en essentiële informatie voor je collega’s niet verborgen houdt. Daar moet je blindelings kunnen vertrouwen. En wethouder Metz heeft dit vertrouwen zeer ernstig beschaamd.
Helaas blijkt dat wethouder Metz een geheel andere kijk op de gebeurtenissen heeft. En ook hier herhaalt de geschiedenis zich. Want ook wethouder Bolhuis hield destijds vast aan z’n eigen sprookje.
Typerend hierbij is de uitspraak van wethouder Metz in de Stentor van afgelopen zaterdag. Hij maakt zich zorgen dat door zijn vertrek niets terecht komt van de noodzakelijk door te voeren veranderingen. Los van het feit dat hij daar ruim acht jaar de gelegenheid voor heeft gehad, blijkt uit het onderzoeksrapport dat het nu juist wethouder Metz was, die de zo gewenste en noodzakelijke cultuurverandering nogal robuust in de weg stond.
Tot slot willen we de complimenten maken aan de onderzoekscommissie. Een commissie van vijf raadsleden uit verschillende politieke partijen, die zich boven de partijpolitiek uit heeft weten te verheffen.
Laten we hopen dat we als raad in de toekomst in staat zijn om onze partijpolitieke belangen ondergeschikt te maken aan het Apeldoornse belang. Het rapport en de verhoren laten zien hoe het niet moet, aan ons de opdracht om te laten zien dat het ook anders kan.
Reageren? groenlinks@apeldoorn.nl








